PCG NR. 35

PCG-Nieuwsbrief nr. 35                         april 2018

 

Helderheid

In de Nieuwsbrieven van het afgelopen anderhalf jaar schreven we meer dan eens over de financiële situatie van de PCG. Een beknopt overzicht.

Vanaf 1 januari 2016 moet de PCG financieel op eigen benen staan. Klaverblad Zeeland zal nog een jaar proberen dat ook te doen nu de provincie Zeeland heeft gezegd de subsidie aan de organisatie op dat tijdstip stop te zetten. Daarmee eindigt ook de subsidiëring van de aangesloten blaadjes.

Hoe kwam de PCG financieel de bijna tweeëneenhalf jaar door die sindsdien zijn verstreken? Om te beginnen kregen we aan het eind van 2015 van het Klaverblad een overgangsbedrag mee, dat ons in staat stelde 2 jaar ons werk voort te zetten. Vervolgens bleken de provincie Zeeland en enkele Zeeuwse gemeenten bereid de kosten van een aantal activiteiten voor hun rekening te nemen. Met deze drie financieringsbronnen zullen we echter het eind van dit jaar niet halen. Het zijn de vaste kosten (administratie- en vergaderkosten, website en contributie van de landelijke koepel) die ons de das om doen.

We hebben de laatste maanden definitief moeten accepteren dat de provincie Zeeland noch de gezamenlijke Zeeuwse gemeenten ons een structurele subsidie willen verlenen. Wat rest ons nog?

  • Daar is allereerst het positieve feit dat provincie en gemeenten nog nooit een incidenteel verzoek om ondersteuning hebben afgewezen. Nog niet aan alle gemeenten hebben we zo’n verzoek gedaan. Ook weten we niet hoe provincie en gemeenten staan tegenover het incidenteel vergoeden van wat wij vaste lasten noemen.
  • We zijn al bezig fondsen te benaderen waarvan in de doelstelling groepen voorkomen die wij als onze achterban zien.
  • Misschien moeten we ons besluit geen beroep te doen op onze achterbanleden/organisaties herzien.

De hier genoemde mogelijkheden kosten ons, dat hebben we nu al gemerkt, tijd. Tijd die we niet kunnen besteden aan wat we zien als ons eigenlijke werk. Vinden we dat werk zo belangrijk dat we de onzekerheid van het al dan niet beschikken over voldoende financiën voor lief nemen? Komen we nog wel toe aan dat eigenlijk werk als het bij elkaar schrapen van financiële middelen zoveel van ons vraagt?

Ziehier twee belangrijke vragen die ons als bestuur in de komende maanden zullen bezighouden.

Vervoersplan voor Z.-Vlaanderen: reactie provincie Zeeland

Op de najaarsvergadering van de PCG (27 nov. 2017 in Kruiningen) sprak de verkeersplanoloog prof. Karel Martens. Hij liet aan de hand van eigen onderzoek zien hoe je met harde gegevens duidelijk kunt maken, wat het begrip “bereikbaarheid” in het dagelijks leven voor mensen kan inhouden. Ook probeerde hij aan te tonen hoe onrechtvaardig het Nederlandse mobiliteitssysteem is, vooral voor mensen met een smalle beurs, en hoe automobilisten in dat systeem worden bevoorrecht. U kunt over die bijeenkomst meer lezen op de pag. Actueel/OV/WMOvervoer van onze website.

Het PCG-bestuur stelde in een vervolg op deze bijeenkomst een pilot-plan op voor een nieuw mobiliteitssysteem in Zeeuws-Vlaanderen. Een stuk dat buitengewoon idealistisch mag worden genoemd, maar dat zaken naar  tracht te halen die het overdenken waard zijn:

  • Het beoogt integratie van OV en WMO-vervoer.
  • Het probeert te laten zien hoe de bewoners van de regio op verschillende manieren bij het nieuwe mobiliteitssysteem kunnen worden betrokken.
  • Het tracht inhoud te geven aan wat prof. Martens rechtvaardige mobiliteit noemt’.

Meer over dit Pilot-voorstel vindt u ook op genoemde websitepagina.

PCG Zeeland legde het voorstel voor aan de Gedeputeerde Staten van Zeeland en aan de 3 Zeeuws-Vlaamse gemeenten. Aan GS vroegen we een werkgroep in te stellen om ons voorstel verder uit te werken. Ze lieten ons weten daaraan geen gehoor te geven. Ook op ons verzoek het voorstel te mogen toelichten werd niet ingegaan. Wel hoorden we dat ons voorstel mooi aansluit bij de “verkenning” die de provincie wil starten over de toekomst van het OV en het doelgroepenvervoer in Zeeland. Die verkenning is in handen gegeven van het onderzoeksbureau APPM en omvat o.m. het volgende: het verzamelen van feiten over de huidige vervoerssituatie en de te verwachten ontwikkelingen; het beantwoorden van de vraag of en in welke mate er draagvlak is voor een gezamenlijke, alternatieve invulling van de mobiliteitsbehoefte in de meer landelijke gebieden in Zeeland; het zoeken van oplossingsrichtingen voor uit te voeren pilots als blijkt dat de lopende contracten juridisch ruime bieden voor veranderingen en er voldoende draagvlak blijkt te bestaan.

Ons pilot-voorstel komt daarmee in een noodzakelijke bestuurlijke context te staan, die in het voorstel zelf ontbreekt. Dat ervoor bij APPM aandacht zal worden gevraagd doet ons goed. Op één punt stelt de provincie ons wat teleur. Het betreft een tweede lijn (naast de “verkenning”) waaraan de provincie wil werken: Beeldvorming bereikbaarheid. Daarover hieronder meer.

Van de 3 Zeeuws-Vlaamse gemeenten reageerde tot nu toe alleen de gemeente Terneuzen. Binnenkort vindt over het PCG pilotvoorstel een gesprek plaats tussen vertegenwoordigers van die gemeente en enkele PCG-bestuursleden.                              

Beeldvorming bereikbaarheid

Op dinsdag 17 april organiseerde de provincie Zeeland een gespreks-avond over het onderwerp “Beeldvorming bereikbaarheid”. In 12 groepen spraken de aanwezigen over mobiliteitsproblemen die vanuit 12 Zeeuwse gemeenten naar voren waren gebracht (de gemeente Tholen ontbrak) Voorbeelden: Hoe zou de gemeente Middelburg in de toekomst een fietsvriendelijke stad kunnen worden? Hoe dring je het gebruik van de auto bij het naar school brengen van kinderen terug? Onderwerpen van zeer uiteenlopende aard dus, die hierin overeen kwamen dat ze betrekking hadden op mobiliteitsproblemen zoals ze door gemeenten werden ervaren, niet op het mobiliteitssysteem als geheel. Omroep Zeeland deed de volgende dag verslag van de bijeenkomst en opende met de zin “Zeeuwen moeten hun auto vaker laten staan!” Het was veelzeggend. Dat Zeeuwse gezinnen gemiddeld over meer auto’s beschikken dan gezinnen in de rest van Nederland, was kennelijk in veel groepen onderwerp van gesprek geweest. Voorop gesteld, er moet in de 12 groepen zeer serieus zijn gesproken over de oplossingen voor het voorgelegde probleem. De 3 bestuursleden van de PCG hebben dat zelf ervaren, het kwam ook tot uiting bij de vaak enthousiaste presentaties. De provinciale gespreksleiders (goed voorbereid op hun taak) drongen aan op creatief denken: geen idee mocht te gek worden bevonden! Voor de drie beste presentaties stelde de provincie aan het eind samen €. 5000 beschikbaar. Te gebruiken voor het uitvoeren van de geboden oplossing.

Wat ons teleurstelde was dat het mobiliteitssysteem als geheel buiten beschouwing bleef. Twee voorbeelden om onze teleurstelling daarover duidelijk te maken. Toen de verslaggever van Omroep Zeeland vertelde dat het autobezit op het Zeeuwse platteland nog weer hoger lag dan in de steden, reageerde de nieuwslezer met een opmerking dat dat toch ook wel logisch was gezien het ontbreken van vervoersmogelijkheden op dat platteland! Daarmee gaf ze impliciet aan waarover de discussie o.i. had behoren te gaan: over het verbeteren van die vervoersmogelijkheden, met als beoogd neveneffect dat het autovervoer wordt teruggedrongen.

Een tweede voorbeeld. In de groep waarin werd gesproken over de noodzaak van goed OV tussen Hulst en Antwerpen, kostte het de PCG-deelnemer geen moeite duidelijk te maken dat het eigenlijke probleem zou moeten luiden: Hoe lukt het ons ervoor te zorgen dat mensen uit het platteland rond Hulst bij de vast lijn Hulst-Antwerpen komen!

We betreuren het dat de provincie op 17 april geen aandacht heeft gevraagd voor samenwerking en het zoeken naar draagvlak op een niveau waar die zaken er werkelijk toe doen. Samenwerking en draagvlak, twee begrippen die in de provinciale bijeenkomst nogal eens waren te horen. Ze kregen geen invulling bij een zoeken naar alternatieven voor het huidige mobiliteitssysteem. Het provinciebestuur heeft o.i. daarmee bij deze gelegenheid te weinig moed getoond, is te voorzichtig geweest. Jammer.

Zeeuws-Vlaanderen en het VN-Verdrag Handicap

Wij ontvingen een eerste rapportage van de Werkgroep VN-verdrag Zeeuws-Vlaanderen. De werkgroep bestaat uit ambtenaren van de drie Zeeuws-Vlaamse gemeenten, vertegenwoordigers van de stichting Drempelvrij Hulst  en van de stichting Gehandicaptenbeleid Terneuzen. De start van de werkgroep mag gezien worden als uitvloeisel van het 20-jarig jubileum van Drempelvrij Hulst in 2016. Bij het brainstormen over de vraag hoe dit jubileum het best kon worden gevierd, koos het bestuur er uiteindelijk voor het VN-Verdrag voor de rechten van personen met een beperking als uitgangspunt te nemen.

Van meet af aan vonden de initiatiefnemers uit Hulst dat de uitvoering van dit Verdrag (kortweg het VN-Verdrag Handicap) een project zou moeten worden van alle 3 gemeenten in die regio. Het streven van de werkgroep is, in die gemeenten te komen tot een breed gedragen beleid op het terrein van de fysieke toegankelijkheid. Een belangrijke taak is hierbij weggelegd van de Eindhovense organisatie ONGEHINDERD, die bezig is de toegankelijkheid van Nederlandse gemeenten in kaart te brengen, d.w.z. op haar app te zetten. De gemeenten Hulst en Terneuzen zijn het verst in hun contact met ONGEHINDERD. Zij hebben al een plaats gekregen op de toegankelijkheids-app van de organisatie. Die deed metingen in beide gemeenten. Met de uitkomsten daarvan kunnen de gemeenten nu verbeteringen realiseren ten behoeve van mensen met een beperking. Die  komen dan weer op de app. De gemeente Sluis is iets minder ver, maar zal straks eveneens gebruik gaan maken van de app.

Een belangrijke stap heeft de Werkgroep gezet door contact te leggen met het MKB (Midden- en KleinBedrijf), Bouwend Nederland, Horeca Nederland en Recron (vereniging van RECRatieOndernemers Nederland). Door dit contact met de private sector, krijgt de uitvoering van het VN-Verdrag Handicap het noodzakelijke breder kader. Met vertegenwoordigers van genoemde organisaties zullen dit jaar workshops worden gehouden.

Samen met de werkgroep werken de drie gemeenten zo aan een 4-jarig plan voor de uitvoering van het VN-Verdrag Handicap. Aan andere gemeenten die meer willen weten over de manier waarop in Zeeuws-Vlaanderen wordt gewerkt, adviseren wij via de Contact-pagina van onze website contact op te nemen met het PCG-bestuurslid Wil van Ombergen. Zij zal u op haar beurt vertellen tot welke persoon/bij welke gemeente u zich het best kunt wenden.

Dina schrijft…..

Dina schrijft…is een uitgave van de Stichting Uit-zicht, die zich “in (zet) om de minima op een leuke, simpele manier te voorzien van informatie, praktische handvatten, tips en mogelijkheden…” Wij ontvingen een aantal exemplaren NR 6 van de 3e Jaargang, een bewaar-special. Het nummer bevat naast ervaringsverhalen o.m. informatie van de Gemeenschappelijke Regeling De Bevelanden: over de GR zelf, Bijzondere Bijstand, Regelingen voor kinderen uit een gezin met een laag inkomen en de Tegemoetkoming voor chronisch zieken en gehandicapten.

Meer informatie over de stichting op www.stichtinguit-zicht.nl. De uitgaven van  de stichting zijn te koop bij boekhandel Lectori, Weststraat 9-11 in Kapelle. Op de PCG-administratie kunt u gratis een exemplaar ophalen van de 3e Jaargang NR 6 (graag even bellen: 0118-628628)

Jaarverslag SWGT

Van de Stichting Werkgroep Gehandicaptenbeleid Tholen ontvingen we het Jaarverslag over 2017. Het is een heel mooi voorbeeld van wat een lokale werkgroep kan doen voor chronisch zieken, mensen met een lichamelijke,    visuele, auditieve en/of verstandelijke beperking, ouderen en hun mantel-zorgers. Goed ook te zien hoe zij haar werkterrein logischerwijs heeft verbreed. De PCG heeft het zeer betreurd dat in een aantal Zeeuwse gemeenten de lokale Platforms niet goed meer functioneren, zijn opgeheven of zijn opgegaan in een Sociale Adviesraad. Wij stellen nu Tholen als voorbeeld (Ga hier naar het Jaarverslag). In de volgende Nieuwsbrief laten we zien wat we in deze kwestie nog meer doen. 

Integrale Toegankelijkheid standaard

Speciaal voor de Zeeuwse gemeenten wijzen we hier op een nieuwe versie van de ITs (de oude is van 2012), die uitgaat van toegankelijkheid als norm. De standaardgeeftregels voor de toegankelijkheid tot gebouwen, de omgeving, het openbaar vervoer en producten (bv. betaalautomaten). De opstellers hebben met de nieuwe versie een bijdrage willen leveren aan de uitvoering van het VN-Verdrag voor de rechten van personen met een beperking. Lees meer over de standaard op https://www.bouwwereld.nl/nieuws/integrale-toegankelijkheid-standaard-2018-beschikbaar/ 

Het onderwerp waarmee we hadden willen beginnen….

Al anderhalve maand zijn we ermee bezig: de organisatie van de PCG-voorjaarsbijeenkomst. Het lukt ons maar niet de “spelers” vast te leggen en daarmee een datum U hoort er zo spoedig mogelijk meer over!

PCG-secretariaat: Gen. Simondsstraat 8 in Middelburg, tel.0118-628628